Recentelijk heeft het museum een aantal nieuwe instrumenten kunnen aanschaffen:
› Een mooie altviool (mede voor eigen gebruik) van René Quenoil (Parijs) uit 1937
› Ook een fraaie kleine (38,5 cm) alt van Luigi Francolini (Imola) uit 1917.
› Een zeer mooi klinkende viool ui 1911 van Mathias Heinicke (Eger in Tsjechië),
leerling van de beroemde Eugenio Degani
en wellicht voorvader van….
› Een mooie, gave buxushouten klarinet met 13 kleppen van de uit Oldenburg afkomstige
maar in Rotterdam werkende
bouwer Gerhart Hanken uit ca.1840.
› We krijgen ook wel eens instrumenten cadeau: kort geleden van de familie Van Steeg uit Groningen een goede Duitse
viool door Heinrich Heberlein (Markneukirchen) uit 1911. Markneukirchen is al eeuwen, en nu nog steeds, hét centrum
van muziekinstrumentenbouw op de grens van Duitsland en Tsjechië. Rieteke en ik zijn er deze zomer langs geweest en
hebben er het grote muziekinstrumentenmuseum bezocht: groter, maar niet leuker dan Vosbergen! Aardig was te zien
dat diverse plaatselijke bedrijven de namen dragen van vele instrumenten in ons museum: Café Hammig, hotel Pfretschner,
aannemer Hammig en schildersbedrijf Heberlein!

› Een belangrijke vroege klarinet van Amlingue sr. (Parijs) uit ca.1785. In de 18de eeuw werden het
onderste deel van de buis en de beker uit één stuk hout gemaakt wat een fraai slank profiel oplevert.
Ook werden de klepveren niet aan de klepbevestigd, maar aan het hout van de buis.
Beide kenmerken heeft dit instrument: een typische “klassieke” klarinet.